Merken en landen

Amper 17 jaar oud, is hij. Maar al tien jaar bezeten van karts. Inmiddels naam gemaakt in dat speciale wereldje, waar menig Formule 1-coureur zijn eerste rondjes reed. Max Verstappen stapte er in zijn eerste kart en leerde er sturen en gas geven. Won er ook vaak. Net als zijn Graafse “collega” Jesse Smeets, die het eerst afkeek van vader Jowan en er meteen verslingerd aan raakte. Hij zag in Venray hoe zijn vader rondjes draaide en wilde dat ook. Niet lang daarna ging zijn wens in vervulling. Jesse was zeven jaar en stapte in Uden voor het eerst in een minikart. “Heel leuk was dat”. Jesse's ogen glinsteren en hij vertelt hoe een kart zijn leven veranderde.

GRAVE - Amper 17 jaar oud, is hij. Maar al tien jaar bezeten van karts. Inmiddels naam gemaakt in dat speciale wereldje, waar menig Formule 1-coureur zijn eerste rondjes reed. Max Verstappen stapte er in zijn eerste kart en leerde er sturen en gas geven. Won er ook vaak. Net als zijn Graafse “collega” Jesse Smeets, die het eerst afkeek van vader Jowan en er meteen verslingerd aan raakte. Hij zag in Venray hoe zijn vader rondjes draaide en wilde dat ook. Niet lang daarna ging zijn wens in vervulling. Jesse was zeven jaar en stapte in Uden voor het eerst in een minikart. “Heel leuk was dat”. Jesse's ogen glinsteren en hij vertelt hoe een kart zijn leven veranderde.

Jesse is geboren in Nijmegen, maar was heel snel thuis in Grave. Na de basisschool ging hij naar het Maaswaalcollege in Wijchen. Daar doet hij nu de vijfde klas van het VWO. Ook daar zijn de successen zo groot, dat de school volledige medewerking verleent als Jesse weer eens naar het buitenland moet voor een belangrijke race. “Na mijn eerste contact met de kart in Uden, ging ik vaak met mijn vader indoor karten in Uden. Toen ik acht was kreeg ik mijn eerste kart. Dat was meteen het sein om ook buiten te gaan karten."
Langs de baan bleef dat niet onopgemerkt. Jowan: “Ik werd gebeld door Casper Reinders, een trainer die jonge talenten begeleidt, die Jesse graag in zijn trainingsprogramma wilde hebben. Dat moest ik natuurlijk geen twee keer aan Jesse vragen”. De eerste stappen naar professionaliteit werden gezet: “Elke week kreeg ik van Casper training op technisch en mentaal vlak. Ik was tien jaar, zat in groep zes van de Sprankel en droomde ervan om coureur in de Formule 1 te worden. Dat heb ik inmiddels wel enigszins bijgesteld. Als ik professioneel autocoureur kan worden en met mijn hobby mijn brood kan verdienen, ben ik ook tevreden. Door de trainingen kon ik al snel als elfjarige op de NK indoor gaan karten. Ik reed in de klasse tot en met vijftien jaar. Na een helft in dat eerste seizoen te hebben meegereden startte ik het jaar daarop meteen al vanaf het begin in de NK-competitie. Ik werd vierde in de eindstand. Dat was goed om mee te mogen doen aan het kampioenschap van Nederland, een competitie over tien wedstrijden. Na de eerste overwinning in Nijverdal volgden er nog meer. Het werd hoog tijd om naar buiten te gaan”, vertelt een enthousiaste Jesse.
Kampioen
“Buiten is alles veel groter en gaat alles veel sneller. Het is een wereld van verschil met binnen karten. Ik kwam in het circuit van het afstellen van de kart. Alles moest precies kloppen. Het gaat soms om duizendsten van een seconde. Na drie seconden zit je al op de 100 km per uur. Op het rechte stuk ga je naar de 140”. Jesse lacht als hij mijn verbazing ziet. “Het ging goed. Op mijn dertiende reed ik het eerste volle seizoen in de VT 250 junior. Dat leverde een paar overwinningen, podiumplaatsen en een vierde plaats in de eindstand op. Het jaar daarop werd ik kampioen. Daardoor heb ik een klasse overgeslagen en kwam in de Schakelklasse 125 cc terecht.
Weer hogere snelheden, fysiek zwaarder, dus nog meer trainen. Op mijn zestiende werd ik kampioen in de GK4 Schakelklasse met deelnemers van 16 jaar en ouder. Ik had inmiddels begeleiding van een raceteam gekregen in de vorm van twee monteurs die mijn kart afstelden op mijn gevoel. In 2015 deed ik mee aan het Kampioenschap Ne/Be/Duits. Op vrijdag de eerste vrije trainingen. Op zaterdagavond de kwalificaties en op zondag de races. Drie van een kwartier. Ik werd kampioen”. Jesse is enthousiast, maar vertelt alles rustig. Net zo kalm als hij zich tegenwoordig vlak voor de start van een grote wedstrijd voelt. Want de wedstrijden worden steeds groter. Dit jaar prolongeerde hij zijn titel in het kampioenschap Ne/Be/Duits. Bovendien won hij het tot nu toe belangrijkste kampioenschap. In het Belgisch/Benelux-kampioenschap won hij alweer. Dat leverde hem het felbegeerde ticket voor het Wereldkampioenschap in Le Mans op.
Van 10 tot 16 oktober heeft Jesse in Frankrijk gestreden voor het allerhoogste. Hij eindigde op een mooie zevende plaats na een spannende wedstrijd.
Top